Dharmapelgrim Yogi 

     De weg loopt door het hart


L - M - N - O

In de eerste kolom vind je zoekwoorden; in de tweede kolom staan behalve  door mij gekozen vertalingen, betekenissen en synoniemen;

  • mijn interpretaties;
  • mijn toelichtingen.

Beargumenteerde voorstellen tot wijziging / aanvulling van lemma's kun je middels het contactformulier doorgeven.

Lagalo, Lagao

omvatten, omarmen, omhelzen;   wikkelen in, hullen in, opgaan in; omarm, omhels.

Laghima

lichtheid; lichter worden één van de transcedent / metafysisch vermogens   van de geest:

Lahiri Mahasaya

goeroe van Sri Yukteswar giri

Lakshmi

metgezellin van Vishnu. Zij   is de Godin van geluk, rijkdom, voorspoed en schoonheid.

Lal(a)

geliefd kind, geliefde zoon; geliefd, lieveling; speels.

Lama

Leraar; (geen hogere), iemand die je kunt vertrouwen als   spirituele gids om je het pad naar verlichting te wijzen.

Lambodara

een naam voor Ganesha, die   betekent: de Heer met de dikke buik. Dit betekent, dat Hij alles wat Hij op   zijn weg tegenkomt (alle obstakels) kan consumeren en verteren.

Ledigheid

de ware aard van de gehele werkelijkheid.

Leefregel

Dit lemma wordt binnenkort ingevuld

Leela (lila)

(Kosmisch) Spel, theater; goddelijk   spel, wonder. Het gaat hier om handelingen die niet worden verricht uit   verlangen. De mens handelt uit verlangen; God handelt alleen uit liefde. De   gehele schepping is Gods lila.

Lelo

nemen, aanvaarden; neem,   aanvaard.

Lhag tong

introspectie; inzicht in de vergankelijke aard van lichaam en geest waardoor de geest volledig wordt gezuiverd.

Licht

Dit lemma wordt binnenkort ingevuld

Liefde

Dit lemma wordt binnenkort ingevuld

Life Foundation

door Mansukh Patel in 1978 opgerichte stichting die erop is gericht de   wereld een beetje beter te maken, onder meer door propageren en verspreiden   van Dru-yoga

Noot: in jaren na 2000 in   diskrediet gekomen door aanklachten tegen Mansukh Patel e.a. ivm   verondersteld machtsmisbruik en seksuele / zedelijke onregelmatigheden.

Lila-samkirtan(a)

  

 het gezamenlijk zingen over de lila’s (spel,   wonderen) van God, dat wil zeggen over de vele manieren waarop Hij zijn   ‘eigenschappen’ (zoals alomtegenwoordigheid, mededogen, liefde) gebruikt.

Linga(m),

  

  • Penis
  • ellipsvorm, meestal van   steen of metaal. Het is het symbool van de schepping en van God, die zonder   begin en zonder einde is.

Lingeshvara

een naam voor Shiva, die   betekent: de Heer van de linga(m), de Heer van het universum.

Linzi

zie: Rinzaï

Lobha

hebzucht.

Lochana

oog; blik; zichtbaar;   verlichtend, verhelderend.

Lojong

Gedaagdenverandering; het oefenen van de geest

Loka

Wereld; ruimte, bewustzijnstoestand

Lokadhammas

wereldse condities; zie: acht (wereldse) winden.

Lola

geliefde, gever van vreugde,   Heer.

Ma

moeder; mij.

Mada

trots, hoogmoed

Madana

een naam voor Krishna, die   betekent: allerliefst, verrukkelijk; een naam voor de God van de wereldse   liefde; liefde.

Madanantaka

een naam voor Shiva, die   betekent: de Heer die een einde maakt aan hartstocht, de Heer die wereldse   verlangens vernietigt.

Madhava

 

een naam voor Vishnu en   Krishna, die betekent: de Heer van Lakshmi (metgezellin van Vishnu), en: de   Heer die de illusie, onwetendheid, wegneemt.

Madhura(m)

zoet, aangenaam,   aantrekkelijk, melodieus.

Madhusudana

een naam voor Krishna, die   betekent: de Heer die de demon Madhu (symbool van het ego) heeft overwonnen.


Madhuvana

naam van het woud waarin de   demon Madhu (symbool van het ego) leefde.

Madhyamika

de   filosofie van de middenweg

Madina

Medina, de stad waar zich   het graf van Mohammed bevindt. Bedevaartplaats van de moslims.

Maha

groot.

Maha Shakti

 grote, goddelijke kracht.

Mahabandha

combinatie   van drie bandha’s zie aldaar.

Mahabharata

groots India's heldendicht; in omvang drie maal groter dan de   Ileas en de Odyssee samen. het epos of heldendicht waarin Krishna’s leven wordt   beschreven.

Mahadev(a)

 een naam van Shiva, die betekent:   grote God, allerhoogste God.

Mahakaruna

groot mededogen

Maharaj(a)

grote koning, majesteit.

Mahasthamaprapta

bodhisattva in het Westelijk Zuiver Land van Amtabha Boeddha. 

Mahavagga

het grote hoofdstuk

Mahavir(a)

een naam voor prins   Vardhamana, de stichter van het Jainisme, die betekent: grote held. Hij wordt   ook Jina en Siddha Buddha genoemd.

Mahayana

‘het grote voertuig’; vorm van boeddhisme die zich in India ontwikkelde   en zich vooral verspreidde naar Tibet, Mongolië, China, Vietnam, Korea en   Japan. Het mahayana stelt medeleven boven ascetisme.

Maheshvara

een naam voor Vishnu en Shiva, die betekent: grote God, allerhoogste God.

Maheshvari

een naam voor Shakti (het   vrouwelijke aspect van God), die betekent: allerhoogste goddelijke moeder.

Mahima

Kracht;wonder; macht, majesteit; groter worden één van de transcedent / metafysisch   vermogens van de geest:

Maitreya

(de liefhebbende) de boeddha van de toekomst – voorspeld als de vijfde en   de laatste op aarde.

Maitri

onbegrensde vriendelijkheid

Makarasana

Krokodil   ; liggend (op de buik)

Makka

Mekka, de geboorteplaats van   Mohammed. Bedevaartplaats van de moslims.

Mala

krans, bloemenkrans, bloemslinger

Malasana

(Hatha-yoga) hurkzit

Mana

respect, eer;   zelfbewustzijn; trots, jaloezie; mening, bedoeling.

Manas(a), Mana

geest, gedachten, het denken; het spirituele hart.

Manava, Manuva

mens, mensheid; menselijk.

Mandala

  

een driedimensionaal of cirkelvormig grafische voorstelling die het universum verbeeldt, of het onderkomen van een godheid

magisch diagram, waarin het  wezen van de godheid in een meetkundige symboliek wordt voorgesteld; rond;   kring; het gebied waarover een koning heerst.

Mandana

lofprijzing.

Mandaragiridhari

 

een naam voor Vishnu, die   betekent: de Heer die de Mandara-berg draagt. Teneinde de onsterfelijk   makende nectar (amrita) te verkrijgen, besloten de Goden en de demonen samen   te werken bij het karnen van de melkzee. Om hen hierbij te helpen dook Vishnu   in de vorm van een schildpad (Kurma, de tweede Avatar van Vishnu) naar de   bodem van de oceaan. Vervolgens gebruikten de Goden en demonen zijn schild   als fundament voor de berg Mandara, die zij als karnstok gebruikten. Een   slang werd om de stok gewikkeld. Daarop trokken de Goden aan het ene eind en   de demonen aan het andere eind van de slang en zo werd de melkzee gekarnd. Na   het tevoorschijn komen van de amrita ontstond er een strijd tussen de Goden   en de demonen wie de amrita mocht opdrinken. Plotseling verscheen Vishnu als   een mooie vrouw, die de aandacht van allen afleidde. Tijdens dit gebeuren   verdween de amrita.

Mandir(a)

tempel.

Mangala

veelbelovend, gelukbrengend,   zegenrijk, gezegend, heilig.

Manipura-chakra

navelcentrum; krachtcentrum ter hoogte van de navel, magische   klank: RAM; kleur: rood (zie: chakra)

Manjari

krans, bloemenkrans.

Manjula

van grote schoonheid, heel   mooi, sierlijk, hartveroverend.

Manohara

een naam voor Shiva en   Krishna, die betekent: bekoorder van de geest, vernietiger van de geest. De   denkende geest bindt de mens aan de wereld.

Manohari

 

een naam voor Parvati   (metgezellin van Shiva), die betekent: Zij die de geest bekoort, die de geest   vernietigt. De denkende geest bindt de mens aan de wereld.

Manomaya kosha

Laag van geest

Mantra

  

“Dat wat de geest behoedt”; reeks te reciteren lettergrepen of  woorden(groepen) die met een godheid of praktijk zijn verbonden en waar   psychische en/of spirituele krachten aan worden toegeschreven; heilig(e)   woord(en) die het midden houdt tussen een spreuk met magisch effect en een   gebed; gebed.;heilig woord of combinatie   van heilige woorden in het Sanskriet, die een geestelijk heilzame trilling   bezit en die kracht krijgt door veelvuldig herhalen.
Er bestaan mantra’s in diverse culturen.

Tien bekende mantra’s zijn:

1.    Aum

2.    Ek Kon Kar

3.    Gate Gate

4.    Gayatri

5.    Hare Krishn

6.    KyriëEleison

7.    Om ManiPadme Hum

8.    Om NamahaShivaya

9.    Sa Ta Na Ma

10. WaheGuru

Manusha

mens.

Manuva, Manava

mens, mensheid; menselijk.

Marg(a)

pad, weg; spirituele weg.

Marichyasana

lichtstraal ; houding van de Oervader; ‘houding van Marichi’; eenvoudige   twist, zittend, lichte variant van ardhamatsyendrasana diverse variaties   (I,II,III,IV)

Marjariasana Kat

Dit lemma wordt binnenkort ingevuld

Marmas

- drukpunten (in massage)

Masjid(a)

moskee.

Mata

moeder;

Matanga

olifant; een naam voor Ganesha.

Matangavadana

een naam voor Ganesha, die   betekent: de Heer met het olifantsgezicht.

Mathura

naam van de stad waar Krishna geboren is en waarvan Hij later koning werd

Matsarya

boosaardigheid, haat,   afgunst.

Matsyasana

Vis (Hatha-yoga).

Matsyendrasana

Meester van de Vissen (Hatha-yoga)

Maya

Illusie, begoocheling, de   veranderlijke wereld, de schepping.

(achtervoegsel) vol van, bestaande uit, samengesteld uit.

Mayavi

de Heer die ons leidt door  de begoocheling, d.w.z. door de wereld

Mayi

moeder.

vol van, bestaande uit,   samengesteld uit. (achtervoegsel). (vrouwelijke vorm van Maya).

Mayurasana

Pauw houding;

Mazda, Ahura Mazda

naam voor God in het   Parsisme.

Mededogen

Barmhartigheid; de altruïstische wens om alle wezens te helpen bevrijden   van ellende en lijden.

Medicijnen-Boeddha

de boeddha van de genezing; regeert over het Oostelijke Zuiver Land.

Meditatie

activiteit om vertrouwd te geraken met verschillende  bewustzijnstoestanden; methode om de geest te oefenen.

Megha

wolk.

Meghashyam(a)

 

een naam voor Krishna, die   betekent: de Heer met de intens blauwe huidskleur, met een huidskleur die zo   donkerblauw als een wolk is. Het gaat hier om de kleur, die te vinden is in   de elementen van onpeilbare diepte, zoals die van het uitspansel en de   oceaan.

Metafysica

filosofische benadering van de zich aan de fysica / zintuigen  onttrekkende gronden van de realiteit

Metta

onbaatzuchtige liefde en welwillendheid jegens andere levende wezens, één   van de kwaliteiten van een zuivere geest. 

Metta-bhavana

systematisch ontwikkeling van metta (zie daar) door een  meditatietechniek.

Mindfullnes

Dit lemma wordt binnenkort ingevul

Mira (Bai)

een groot toegewijde van   Krishna uit de 16de eeuw, die haar liefde voor hem bezong in zelf geschreven   liederen.

Mithya

onwerkelijk; een   gesteldheid, die echt lijkt, maar dat bij onderzoek niet blijkt te zijn. De   wereld is mithya.

Moha

verblindheid, illusie, gehechtheid.

Mohammed

de stichter van de Islam.

Mohan(a)

betoverend, in vervoering   brengend; een naam voor Rama en Krishna, die betekent: de Heer die (de geest)   betovert en in vervoering brengt.

Moksha

- bevrijding

Moksha, Mukti

bevrijding uit de kringloop   van geboorte en dood.

Mola, Maula

God 

Mridanga

de trommel van Shiva.

Mrityu

dood, sterfelijkheid.

Mrityumjaya

een naam voor Shiva, die   betekent: overwinnaar van de dood.

Mrtasana

Duizenvoudige   Houding

Mu

Dit lemma wordt binnenkort ingevuld

Mudit(h)a

onbegrensde vreugde;vreugde;   eerste fundament (van tien) in mahayanaboeddhisme:

vreugde, geluk; blij, blijmoedig, verheugd

Mudra

 

ritueel handgebaar dat activiteiten symboliseert; wordt gebruikt o.a. als   hulp bij meditaties en reciteren van mantras; handgebaar als onderdeel van   een asana zie aldaar.. Er zijn er zeven: gebaar van -

  1. onbevreesdheid (abhayamudra) naar het noorden;
  2. aanroepen van getuigenis (bhumisparshamudra) naar het westen;
  3. overpeinzing (vitarkamudra) naar het zuiden;
  4. het in beweging zetten van het wiel van de wet (dharmachakramudra) naar het oosten;
  5. aanbidding (anjalimudra) naar het zenith zie aldaar.;
  6. liefdadigheid (danamudra / varamudra) naar het nadir   (zie aldaar.
  7. meditatie (dhyanamudra) naar het midden

Mukha

gezicht, kop, mond.

Mukharavinda

lotusgezicht, een gezicht zo   schoon als een lotus.

Muktasana

Grote windmaker ; meditatiehouding

Mukti, Moksha

bevrijding uit de kringloop   van geboorte en dood.

Mukunda

een naam voor Krishna, die   betekent: schenker van bevrijding.

Mukuta

pluim; kruin, top; diadeem.

Mulabandha

yoga-oefening   waarbij de yogi de inademing afsluit en bekkenbodem / kringspieren in het   onderlichaam optrekt.

Muladara-chakra

stuitcentrum of wortelchakra;   krachtcentrum ter hoogte van de stuit, magische klank: LAM; kleur: geel

zie: chakra)

Muni

godvruchtig mens, heilige.

Murahara, Murahari

een naam voor Krishna, die   betekent: de Heer die de demon Mura (symbool van het ego) heeft gedood.

Murali

de fluit van Krishna. De   holle fluit is het symbool van het hart dat gezuiverd is van alle verlangens   en dat daardoor een geschikt instrument is geworden voor het spel van de   Heer.

Muralidhara, Muralidhari

een naam voor Krishna, die   betekent: drager van de fluit.

Murali-vala

fluitspeler.

Murari

een naam voor Krishna, die   betekent: de vijand van Mura, de Heer die de demon Mura (symbool van het ego)   heeft gedood.

Murat(a), Murti

afbeelding van God;   belichaming, vorm, materie.

Mus(a)lim

moslim

Mushika

rat, muis. De rat is het   voertuig van Ganesha.

Mutualinquiry

onderzoek in dialoog naar waar het in het leven werkelijk om gaat. - met   een sterk accent op gelijkwaardig, op niet in een hiërarchie staan ten   opzichte van elkaar. Het belangrijkste is zwijgen en luisteren. En   verder: laat het los, het zál ter plekke komen, precies op het moment   dat je het loslaat

Nada

geluid, klank.

Nadabrahma(n)

het geluid dat staat voor Brahman.   Dit is de scheppingsklank Om.

Nada-yoga

Dit lemma wordt binnenkort ingevuld

Nadi(ya)

rivier, stroom; (geestelijke)   energiebaan; kanaal voor prana; vergelijk: meridiaan.

Belangrijke nadi’s zijn:

1.    Ida

2.    Pingala

3.    Sushumna

Nadir

denkbeeldig punt dat loodrecht   onder onze voeten ligt (tegenover het zenith);

Naga

slang.

Nagabhushana

 

een naam voor Shiva, die betekent: de   Heer die slangen als sieraad draagt. De slang is het symbool van het ego,   waarover Shiva het volledige meesterschap bezit.

Nagara-samkirtan(a)

het zingen van bhajans in een groep,   terwijl men langzaam door de straten loopt. Dit gebeurt meestal ’s morgens   vroeg. Nagara-samkirtan zuivert de atmosfeer.

Nagarjuna

Indiase wetenschapper die in de   tweede eeuw de grondslag legde voor de middenwegschool van ledigheid.

Nagasena

Boeddhistische wijze

Nagashayana

 

een naam voor Vishnu, die betekent:   de Heer die rust op de slang. Vóór het begin van de schepping lag Vishnu   onbeweeglijk op de duizendkoppige slang Ananta of Shesha in de melkzee. De   slang is het symbool van het ego, waarover Vishnu het volledige meesterschap   bezit. De melkzee is het symbool van het zuivere (sattvische) denken.

Nagendra

koning van de slangen. Dit is de   cobra.

Nagendrashayana

een naam voor Vishnu, die betekent:   de Heer die rust op de koning van de slangen. Met de koning van de slangen   wordt de cobra bedoeld. Vóór het begin van de schepping lag Vishnu   onbeweeglijk op de duizendkoppige slang Ananta of Shesha in de melkzee. De   slang is het symbool van het ego, waarover Vishnu het volledige meesterschap   bezit. De melkzee is het symbool van het zuivere (sattvische) denken.

Nam(a) japa

Herhaling van een naam van het   goddelijke

Namadeva

een heilige, die het pad van   toewijding volgde door het voortdurend herhalen van Gods namen.

Namah(a) / Namo Om

overgeven aan; (vol overgave)   buigen; knielen, ik buig voor U

Nama-samkirtan(a)

het gezamenlijk zingen van de namen   van God, waarbij iedere naam een aspect vertegenwoordigt van zijn glorie,   zijn macht, daden, liefde, enz.

Namaskar(a), Namaskaram;

groeten door de handpalmen samen te   brengen voor de borst en daarbij het hoofd te buigen. Daarbij zegt men:   Namaskar, of: Namaste. (Zie ook aldaar).

Namasmaran(a)

het voortdurend zingen, reciteren of   beschouwen van Gods namen.

Namaste

ik buig (vol overgave) voor U; ik   groet U. (Zie ook: Namaskar).

Namo

(vol overgave) buigen; buig.

Nanaka

goeroe Nanak, de stichter van het   sikhisme.

Nanda

de pleegvader van Krishna; vreugde.

Nandalal(a),

Nandala  een naam voor Krishna, die betekent:   geliefde zoon van Nanda.

Nandana

 zoon

Nandi

stier. Hij is het voertuig van Shiva.

Nara

mens, persoon, man; held; echtgenoot.

Narada

  

  

naam van een van de zeven grote   rishi’s.

 

Narahari

 

een naam voor Narasimha, een Avatar   van Vishnu. Hij was half mens, half leeuw en wordt aanbeden als de beschermer   van alle gelovigen.

Narayan(a)

een naam voor Vishnu, die betekent:   de Heer die in alle wezens woont.

Narayan(a)

naam van Vishnu, die betekent: de   Heer die in alle wezens woont.

Narayanaya

voor Vishnu, die in alle wezens   woont. (naamval van Narayana).

Nataraja

 

een naam voor Shiva, die betekent:   koning van de dans. Nataraja is het symbool van de bezielende kracht,   waardoor de gehele schepping voortdurend in beweging blijft. De krans van   vlammen waarin Hij de kosmische dans, de tandava, danst, is het symbool van  de kosmische energie.

Natavara

een   naam voor Krishna, die betekent: de beste danser, de grote danser.

Nath(a)

Heer,   beschermer.

Naukasana

(Hatha-yoga) omgekeerde   boothouding, buikligging; 

Nauli kriya

Dit lemma wordt binnenkort ingevuld

Navanitachora

  

  

een   naam voor Krishna, die betekent: boterdief. Als kind bracht Hij de gopi’s in   verrukking en verwarring door hun boter te stelen. Melk is het symbool van   onze liefde, die wordt gezuiverd wanneer zij wordt geofferd aan God. Het   karnen is het zuiveringsproces. Het resultaat is zuivere toewijding, de   boter, die door God wordt aanvaard (‘gestolen’).

 

Neti kriya

Dit lemma wordt binnenkort ingevuld

Neti pot

Tuitkannetje waarmee je warm zout   water (0,9%) door de neus giet om de neus (en daarmee de energiekanalen0 te   reinigen.

Nibbana

zie: nirvana

Nidana

oorzaak,   aanleiding.

Nilakantha

een   naam voor Shiva, die betekent: de Heer met de blauwe hals, de blauwe keel.   Deze blauwe kleur is het gevolg van het drinken van het vergif van de slang   die als touw werd gebruikt bij het karnen van de melkzee. Shiva dronk dit   vergif op om het universum te redden. (Zie ook: Mandaragiridhari).

Nilaya(m)

verblijfplaats,   woonplaats.

Niradhi

oceaan,   wereldzee, (melkzee).

Niraja

lotus,   lotusbloem. Deze is het symbool van onthechting.

Nirajadala

lotusblad.

Nirakari, Nirakara

 vormloos, oneindig, zonder eigenschappen.

Niralamba salabhasana

Sprinkhaan zonder ledematen   (Hatha-yoga).

Niranjana

zuiver,   onfeilbaar, zonder ondeugden; een naam voor Shiva.

Nirbhaya

zonder   angst, onbevreesd; zekerheid, veiligheid, vertrouwen.

Nirguna

zonder   eigenschappen (guna’s); vormloos.

Nirguna Brahman

de   niet-gemanifesteerde, vormloze God zonder eigenschappen.

Nirmanakaya

Een van de drie Boeddhalichamen. (Trikaya)

Nirvana

 

uitdoving; van alle lijden bevrijd   zijn; de ongeconditioneerde, ultieme realiteit, bevrijding;   toestand waarin men volkomen los is van de dualiteit van goed en kwaad; het   stadium van eenheid met God.

Nirvikara

zonder   verandering, onveranderlijk; een naam voor God die altijd dezelfde is.

Nishkamakarma

handeling   zonder verlangen naar de vruchten van die handeling.

Nissergadata maharaj

Dit lemma wordt binnenkort ingevuld

Nitya

eeuwig, onveranderlijk, tijdloos,   voortdurend

Nityananda(m)

eeuwige gelukzaligheid

Niyama

Positieve   acties; een van de acht takken of geledingen in Raja-Yoga, omvattende vijf   voorschriften:

  1. reinheid   (in alle opzichten) (Shaucha)
  2. tevredenheid,   welbehagen (Samtosha)
  3. soberheid, ascese   (Tapas)
  4. zelfbeschouwing,   introspectie (Svādhyāya)
  5. devotie en   overgave aan God (Īshvarapranidhāna)

Non-dualiteit

Dit lemma wordt binnenkort ingevuld

Nyingma

een van de vier afstammingen van   het Tibetaans boeddhisme, gesticht door Padmasambhava.

Ohm mudra

  

 

  

  

godheidsgebaar; (zie ook: OM of   AUM); duim en wijsvinger vormen samen een   "o", door de vingertoppen tegen elkaar te houden. Zie ook: jnana   mudra; ahamkara mudra

 

Ojas

Primaire reservekracht, essentiële   "olie”;   kracht, levenskracht; licht, glans.

Olijfboom / olijftak

(chr.) symbool voor vrede

Om

scheppingsklank; het geluid, dat   ontstond bij de oerbeweging, de trilling, die werd veroorzaakt doordat de Ene   zich omhulde met Maya, de Schepping.

Om Namah Shivaya

“Om. Ik buig voor Shiva.”

Omkar(a), Omkaram

het zingen of reciteren van het Om.

Omkararupa

belichaming van het Om, van God.

Omkareshvara

Heer van het Om, God.

omstandigheden

 

het huidige patroon van   verschijnselen; afhankelijke oorsprong; geeft aan dat alle verschijnselen   weer uit andere verschijnselen ontstaan en dat geen enkel verschijnsel een   eigen natuur heeft.

Ontwikkeling

Dit lemma wordt binnenkort ingevuld

Onwetendheid

Dit lemma wordt binnenkort ingevul

Oryoki

“datgene dat precies de juiste   hoeveelheid voedsel bevat”; benaming voor het ceremoniële gebruik van de   maaltijd gedurende een Zen-sesshin; In feite is alles dat ons voedt Oryoki:   het gehele Universum.

Output

Dit lemma wordt binnenkort ingevuld