Dharmapelgrim Yogi 

     De weg loopt door het hart

 S - T

In de eerste kolom vind je zoekwoorden; in de tweede kolom staan behalve  door mij gekozen vertalingen, betekenissen en synoniemen;

  • mijn interpretaties;
  • mijn toelichtingen.

Beargumenteerde voorstellen tot wijziging / aanvulling van lemma's kun je middels het contactformulier doorgeven.

Sa, Sah, So

Hij. Met dit woord wordt God bedoeld.

Sab(a)

 alle, alles, allen, iedereen.

Sad(a);  Sat

altijd, onveranderlijk, eeuwig; goed,   zuiver; zijn, volmaakt zijn; waarheid, werkelijkheid, het zijnde; goed,   deugdzaam.  

Sadana

verblijvend in; veroorzakend; huis,   verblijfplaats.

Sadananda

eeuwige gelukzaligheid.

Sadguru

volmaakt geestelijk leraar.

Sadhak(a)

zoeker op het geestelijk pad,   spirituele aspirant.

Sadhana

spirituele discipline, geestelijke   oefening.Deugd; (geestelijke)  oefening; onder te verdelen in twee categorieën:

  1. Beteugeling (Yama)
  2. Zelfopvoeding   (Niyama)

zie ook: Raja-yoga

Sadhu

Asceet; heilige, wijze, iemand die toegewijd is aan geestelijke discipline.

Sadhumati

de juiste gezindheid (tonen); negende fundament (van   tien) in mahayanaboeddhisme:

Saguna Brahman

de gemanifesteerde God met vorm en   eigenschappen; Avatar; schepping.

Saguna, Suguna

met (goede) eigenschappen (guna’s).

Saha-lokadhattu

blijvende wereld; deze wereld van   waanvoorstellingen.

Sahasrara

kruincentrum; krachtcentrum ter   hoogte van het achterhoofd, magische klank: AUM; kleur: goud; zie: chakra)

Saha-wereld

deze wereld

Sai

goddelijke moeder.

Sairama

de verrukking van de goddelijke   moeder.

Sakala

alle, alles, volledig, compleet.

Sakha

vriend, kameraad

Sakya

een van de vier afstammingen van het   Tibetaans boeddhisme, met aan het hoofd ZH SakyaTrizin

Salabhasana

Sprinkhaan (Hatha-yoga); buikligging;   benen achterwaarts opheffen

Salam

vrede, heil. Dit is een Islamitische   groet.

 Sam(a)

gelijkmatig; goed, eerlijk, vrij van   hartstocht; gelijk, gelijkend op, overeenkomend met.

samadhi / samadi

(complete) absorptie; een van de acht   geledingen in Raja-Yoga; concentratie, meesterschap over de eigen geest ; een   zeer hoog niveau van meditatieve concentratie; ervaring van de eenheid met  God, in God verzonken zijn..

Samana

vorm van levensenergie gerelateerd   aan spijsvertering, groei en herstel van lichaamscellen;verantwoordelijk voor   de aura (projectie van deze energie); doorgaans aangeduid met de generieke   naam prana 

Samantabhadra

“Hij die allesdoordingend goed is”;   een van de grote bodhisaatva’s van het mahayana boeddhisme.

Samatha-bhavana

de ontwikkeling van geestelijke   verstilling ; dit komt overeen met concentratie van de geest (samadhi).   Ontwikkeling van samatha leidt tot de toestanden van mentale absorptie.

Samaveda

(boek)verzameling met magische   gezangen; zie: vedasamitha

Samayukta

eenpuntige gerichtheid; verenigd, verbonden.

Sambhoga shringara

- liefde in gemeenschap

Sambokagakay

Een van de drie Boeddhalichamen. (Trikaya)

Sameta, Samhata

nauw verbonden met, één met.

Samhara, Samhari

vernietiging; terugtrekken;   verzamelen; einde.

Samkalpa

vastbeslotenheid, wil, wens, doel;   goddelijke wil, scheppende wil.

Samkirtan(a)

het gezamenlijk zingen van de namen   en over de heerlijkheid van God

Samma-ajiva

juist levensonderhoud; zie ook: sila

Samma-ditthi

juist begrip; zie ook: panna

Samma-kammanta,

juist handelen; zie ook: sila

Samma-samadhi

juiste concentratie; zie ook: samadhi

Samma-sankappa

juiste gedachte; zie ook: panna

Samma-sati

juiste opmerkzaamheid; zie ook:   samadhi

Sammata, Sammati

 overeenstemming, overeenkomst, instemming;   zuiver inzicht.

Samma-vaca

juist spreken; zie ook: sila

Samma-vayama

juiste inspanning; zie ook: samadhi

Sampajanna

inzicht in de vergankelijke aard (van   de mens) op het niveau van gewaarwordingen.

Samsara

stroom van het wereldgebeuren, kringloop van geboorte en dood.

kringloop van wedergeboorten; geconditioneerde wereld; wereld van het lijden.

Samskara

proces van het verwijderen van   slechte en vestigen van goede eigenschappen; zuivering; neigingen die het resultaat   zijn van vorige levens; mentale formatie; wilshandeling; mentale reactie;  mentale conditionerin

Samyaksambodhi

volledige verlichting – kenmerk van   alle Boeddha’s

Samyoga

eenheid, vereniging (met God).

Sanatan dharma

oude naam van het Hindoeïsme, het   eeuwige, oorspronkelijke en universele pad (van yoga)

Sanatan; Sanatan(a); Sanathan(a)

eeuwig, oorspronkelijk, universeel;   tijdloos, altijd geldend.

Sanathana Dharma

eeuwige religie, tijdloze geestelijke   wet, eeuwige plicht van ieder levend wezen om God te dienen.

Sanchara

reizen, rondtrekken; reis, levensweg.

Sanga; Sangha

gemeenschap; samenkomst, kontakt;   vriendschap; binding, gebondenheid

Sankata

droefheid, verdriet, leed; probleem.

Sankhara

mentale formatie; wilshandeling;   mentale reactie; mentale conditionering

Sankhara-upekkha

gelijkmoedigheid t.o.v. de sankhara’s   (stadium in vipassana volgend op bhanga)

Sanna

perceptie, vermogen tot herkenning.

Sannyasa

het stadium van volledige   onthechting. Dit is het laatste van de vier levensstadia. (Zie ook: Ashrama).

Sannyasin

dit lemma wordt later ingevuld

Sanskriet

Oude Arische taal; “godenschrift”;   oude heilige taal in India; vervult nog steeds een rol in oosterse religies, vergelijkbaar   met het de rol die het Latijn heeft in westerse religies.

Sara

essentie, het wezenlijke.

Sara, Sarva

al, alle, alles, allen, allemaal;   iedere, elke.

Sarasvati

 

aanvankelijk de dochter van Brahma;  in latere tijden beschreven als zijn vrouw; godin van de kunsten; meestal   afgebeeld met een snaarinstrument in haar handen; metgezellin van Brahma.   Haar naam betekent: Zij die ons inzicht geeft in de essentie van ons ware  Zelf. Zij is de Godin van welsprekendheid, kennis, kunst en muziek.

Sarathi

wagenmenner.

Saravana  rietbos.

Een naam voor Subrahmanya. (Zie ook: Saravanabhava).

Saravanabhava

 

een naam voor Subrahmanya, die   betekent: de Heer die geboren is in een rietbos. Omdat de demon Tarakasura de   Goden in de hemel voortdurend lastig viel, gingen dezen naar Brahma om hulp.  Brahma zei, dat alleen een tweede zoon van Shiva en Parvati deze machtige  demon zou kunnen vernietigen. Shiva’s zaad werd in het vuur geworpen. Het  vuur kon het niet vasthouden en wierp het in de Ganges, die het op haar beurt   in een rietbos wierp. Daar werd Subrahmanya geboren.

Sarvangasana

Schouderstand ;

Sarvasana

Allesomvattende houding

Sat, Sad

zijn, volmaakt zijn; waarheid,   werkelijkheid, het zijnde; goed, deugdzaam.

Sat-chit-ananda(m)

de drie fundamentele aspecten van   Brahman: volmaakt zijn, volmaakt bewustzijn, volkomen gelukzaligheid.

Sathya Narayana

God die in alle wezens woont als de   hoogste waarheid.

Sathya(m)

waarheid, de onderliggende realiteit   van alles wat bestaat; waar, echt

Sathyadeva

Hij die waarlijk God is, Hij die de   goddelijke waarheid is.

Sathyadevaya

voor (over, op) Hem die waarlijk God   is, voor (over, op) Hem die de goddelijke waarheid is. (naamval van   Sathyadeva).

Sathyayuga

Sathya-tijdperk, het gouden tijdperk.   Dit is het eerste tijdperk in de cyclus van vier. Het wordt ook Kritayuga   genoemd.

Sati

opmerkzaamheid

Satipatthana

gevestigd raken in opmerkzaamheid

Satkarma

goede, onbaatzuchtige handeling

Satsang(a)

- spiritueel samenzijn; omgaan met of in   gezelschap verkeren van goede, spirituele mensen;

Sattva

- energie van licht en kennis; gelijkmoedige,   harmonische gesteldheid. (Zie ook: Guna).

Satya(m) 

Zie: Sathya). Dit is de correcte,  maar niet gebruikelijke schrijfwijze

Satyananda   yoga

 

Yogastijl, ontwikkeld door swami  SatyanandaSaraswati.; gekenmerkt door 34 oefeningverdeeld over drie groepen houdingen, gericht op:

1.    gewrichten (los   en soepel houden);

2.    spijsvertering   (optimaliseren);

3.    energiestromen in   het lichaam (optimaliseren)

De   stijl bevat daarnaast elementen uit Kriya yoga, Karma yoga, Jnana yoga en   Bhakti yoga. zie aldaar.

Satyananda Saraswati

Swami, naam van een -

Savasana

Doodhouding

Savita; Savitur

een naam voor de God, die alles in   beweging zet en bezielt. Savita staat daarom ook voor de levenschenkende   kracht van de zon en voor de zonnegod.

Sciëntisme

 Dit lemma wordt nog ingevuld

Semchen

elk levend bewust wezen;   sentiëntbeing;

Sethubandasana

gesloten brug alle ledematen   (Hatha-yoga).

Setu bandha sarvangasana

Brug (Hatha-yoga).

Seva

onbaatzuchtige dienstverlening

Sevak(a)

iemand die zich wijdt aan   onbaatzuchtige dienstverlening (seva).

Sevita

vereerd, aanbeden, verheerlijkt; de   dienstverlening ontvangend en aanvaardend.

Shaila(giri)

de berg Kailas

Shakti

de goddelijke energie; energie of kracht   van bewustzijn, godin; het  vrouwelijke aspect van God. Het wordt ook speciaal gebruikt als naam voor   Parvati (metgezellin van Shiva).

Shakyamuni   Boeddha

de historische Boeddha uit de   familie van de Shakya’s

Shambo; Shambho

een naam voor zowel Brahma, Vishnu als  Shiva, die betekent: schenker van vreugde, geluk en voorspoed

Shanmukha(natha)

een naam voor Subrahmanya, die   betekent: (de Heer) met de zes gezichten. Deze zes gezichten zijn het symbool   van de vijf zintuigen en de geest die hen coördineert. Deze zes kunnen worden  overstegen door het volgen van het spirituele pad.

Shanta; Shanti

 (innerlijke) vrede, gelijkmoedigheid.

Shantisvarupa, Shantasvarupa

essentie van vrede, vorm van vrede;   belichaming van vrede.

Sharana(m); Sharanya

bescherming, hulp, toevlucht; toevluchtsoord, schuilplaats, heiligdom. (overgave).

Sharanagata

degenen die hun toevlucht bij de Heer   hebben gezocht, die zich volledig hebben overgegeven aan de Heer.

Shariputra

een van de belangrijkste   leerlingen van Sakyamuni Boeddha, bekend om zijn wijsheid en geleerdheid.

Shashankasana

Kind- of Maanhouding

Shashishekhari

 

een naam voor Parvati (metgezellin   van Shiva), die betekent: maandraagster. Zij is het vrouwelijke aspect van en   dus één met Shiva, die de wassende maan (symbool van het denken) op zijn  hoofd draagt.

Shastra

Geschrift

Sheng-yen,  

in   2009 overleden zenmeester uit China

Shesha

Slang die Vishnu als rustbed   dient; einde, doel, dood;

Sheshashayin

 

een naam voor Vishnu, die   betekent: de Heer die rust op de slang Shesha. Vóór het begin van de   schepping lag Vishnu onbeweeglijk op de duizendkoppige slang Ananta of Shesha   in de melkzee. De slang is het symbool van het ego, waarover Vishnu het   volledige meesterschap bezit. De melkzee is het symbool van het zuivere  (sattvische) denken.

Shikantaza

zitten-alleen

Shiva

 

  1. andere naam voor Dat Wat altijd aanwezig is in het Hier en Nu.
  2. Derde van de  hindoeïstische drie-eenheid.; de vernietiger van al het vergankelijke; de ontbindende kracht in het universum, die al wat ooit geschapen werd weer in zich opneemt. Hij staat bekend onder meerdere namen: 
  •  Bhairava = de vrees- of   angst-aanjager. Hij is de angstaanjager van het bewustzijn en daarmee de   belichaming van een weg waarlangs de mens de eenwording kan bereiken.

  •  Bhanjana = de Heer die banden   verbreekt, die gehechtheden vernietigt
  •   Bhola; Bhole = de Heer die alles zonder vragen geeft
  •   Chandrashekhara = de Heer die de maan op zijn hoofd draagt. Shiva draagt namelijk de wassende maan (symbool van het denken) op zijn hoofd.
  • Bhalalochana; Bhalanetra = de Heer,  die een oog in zijn voorhoofd heeft. (het ‘derde oog’ is het oog van  wijsheid).

  • Chidambaresha = Heer van Chidambara
  • Gangadhara, Gangadhari = de Heer die   de Ganges (in zijn haar) draagt. Volgens de overlevering is de Ganges via het  haar van Shiva uit de hemel op aarde gekomen. Shiva’s haarknot was namelijk eens de gevangenis van Ganga, een Godin die de gave bezat alles te zuiveren en te genezen door het aan te raken. Nadat zij bevrijd was, stroomde zij als de Ganges uit Shiva’s haren naar beneden. Een bad in de Ganges zou de mensen bevrijden van zonde en onwetendheid.
  •  Gangajatadhara = de Heer die de Ganges in zijn haar draagt. Volgens de overlevering is de Ganges via het haar van Shiva uit de hemel op aarde gekomen. Shiva’s haarknot was namelijk eens de gevangenis van Ganga, een Godin die de gave bezat alles te zuiveren en te   genezen door het aan te raken. Nadat zij bevrijd was, stroomde zij als de   Ganges uit Shiva’s haren naar beneden. Een bad in de Ganges zou de mensen bevrijden van zonde en onwetendheid.
  •   Girijapati = Heer van Girija
  • Girijashankara = de Heer van Girija die geluk en voorspoed schenkt.
  •  Halahaladhara, Haladhara = de Heer   die het gif vasthoudt. Dit verwijst naar de blauwe keel van Shiva, die het   gevolg is van het drinken van het vergif van de slang die als touw werd  gebruikt bij het karnen van de melkzee. Shiva dronk dit vergif op om het   universum te redden. (Zie ook: Mandaragiridhari).
  • Hara = vernietiger.
  • Jatajutadhara = de Heer die een knot van in strengen gevlochten haar draagt.
  • Lingeshvara = de Heer van de  linga(m), de Heer van het universum
  • Madanantaka = de Heer die een einde   maakt aan hartstocht, de Heer die wereldse verlangens vernietigt.
  • Mahadev(a) = grote God, allerhoogste God.

  • Nagabhushana = de Heer die slangen als sieraad draagt. De slang is het symbool van het ego, waarover Shiva het  volledige meesterschap bezit.
  •  Nataraja = koning van de dans.   Nataraja is het symbool van de bezielende kracht, waardoor de gehele schepping voortdurend in beweging blijft. De krans van vlammen waarin Hij de kosmische dans, de tandava, danst, is het symbool van de kosmische energie.
  • Nilakantha = de Heer met de blauwe  hals, de blauwe keel. Deze blauwe kleur is het gevolg van het drinken van het  vergif van de slang die als touw werd gebruikt bij het karnen van de melkzee.   Shiva dronk dit vergif op om het universum te redden. (Zie ook:   Mandaragiridhari).
  • Niranjana = zuiver, onfeilbaar, zonder ondeugden;
  • Parameshvara = allerhoogste Heer.
  • Parvatisha = Heer van Parvati.
  • Pashupate; Pashupati = de Heer van alle levende wezens, van alle jiva’s (indiviuele zielen)
  •  Phanidhara, Phanadhara = de Heer die slangen als sieraad draagt. De slang is het symbool van het ego, waarover Shiva het volledige meesterschap bezit.
  • Rudra = de grommende
  • Samba; Sambashiva = samen met de goddelijke moeder. (Zie ook: Shiva-Shakti).
  • Shailagirishvara = Heer van de berg Kailas.
  • Shankar(a) = de Heer die geluk en voorspoed schenkt.
  •  Shashankashekhara = de Heer die de maan op zijn hoofd draagt. Shiva draagt namelijk de wassende maan (symbool van het denken) op zijn hoofd.
  •  Surarchita  = de Heer die aanbeden moet worden;.
  •  Triambaka ; Trinetra; Trinetre;  Trinitre = de Heer met de drie ogen.
  • Tripurari = vernietiger van de drie steden. Deze drie door demonen gebouwde steden zijn het symbool van de drie   guna’s, die de mens binden aan de wereld. Shiva verbrandde deze drie steden  met het vuur, dat uit zijn derde oog, het oog van wijsheid, kwam. 

  • Trishuladhari = drager van de drietand.
  • Vishveshvara = Heer van het   universum.

  • Virabhadra =  trotse krijger,incarnatie van Shiva,
     met 1000
    hoofden, voeten en een tijgerhuid

  • Vyaghrambaradhara = de Heer die gekleed is in een tijgervel. Dit tijgervel is een teken van de overwonnen dierlijke aard.
  • Yogishvara = Heer van de yogi’s.

Shiva Shakti

energie die het vergankelijke   vernietigt.

Shiva(m)

vriendelijk, genadig; de   vriendelijke, de genadevolle; goedheid

Shivakami

een naam voor Parvati (metgezellin van Shiva), die betekent: gemaakt voor Shiva

Shivalinga

zie: Lingam

Shiva-Shakti

het mannelijke en het vrouwelijke   aspect van God samen. Het is de eenheid van bewustzijn en kracht of energie.

Shoken

 

korte ceremonie tussen leraar   (roshi) en leerling waarmee beide zich tot elkaar committeren. De leerling   verleent daarin toestemming aan de leraar al zijn vaardigheden als leraar aan   te wenden om de leerling tot realisatie van zijn Boeddhanatuur te leiden

Shraddha

vertrouwen, geloof.

Shravaka

“iemand die heeft gehoord”; elk   van de persoonlijke leerlingen van Sakyamuni Boeddha.

Shringara  

Liefde, schoonheid

Shubhanana

een naam voor Ganesha, die betekent:   de Heer met het stralende gezicht.

Shudra  

Dienaar

Shunyata; sunyata

 

de ware aard van de gehele   werkelijkheid; (de wijsheid inzake / besef van:) ledigheid; het niet   intrinsiek op zichzelf (kunnen) bestaan van alles in de werkelijkheid; zonder   vorm of inhoud zijn, open, transparant.

Shyam(a); Shyamala(la)

 

 een naam voor Rama en Krishna, die betekent:   de Heer met de donkere of blauwe huidskleur. Het gaat hier om de kleur, die   te vinden is in de elementen van onpeilbare diepte, zoals die van het  uitspansel en de oceaan.

Siddha

 

een naam voor prins Vardhamana, de   stichter van het Jainisme, die betekent: volmaakte verlichte, verheven   verlichte. Hij wordt ook Jina en Mahavira genoemd. ;iemand die   Zelfverwerkelijking heeft bereikt; volmaakt

Siddhanta

 

dogmatische   visie; in de Mahaprajnaparamita

Shastra   zijn de Vier Siddhanta’s de vier niveaus van de lessen van de Boeddha.

Siddharta; Siddattha

iemand die zijn taak heeft   volbracht, Naam van de historische Boeddha.

Siddhasana

Kleermakerszit (Hatha yoga;   meditatiehouding

Siddhi

 

bovennatuurlijke kracht; transcedent   / metafysisch vermogen van de geest:

- kleiner worden (anima)

- groter worden (mahima)

- lichter worden (laghima)

- zwaarder worden (garima)

- ver (kunnen) reiken; (prapti)

- wilsvrijheid bezitten   (prakayama)

- gezag (tonen) (ishatva; ishita)

- overmacht (tonen) (vashita)

- zelfbeheersing (tonen   (kamavasayita)

ook: bevrijding, Zelfverwerkelijking,   volmaaktheid; bovennatuurlijk vermogen.

Siddhivinayaka

een naam voor Ganesha, die betekent:   de Heer die de gevolgen vernietigt. Ganesha kan namelijk de gevolgen van   menselijk handelen te niet doen, wanneer die gevolgen de betreffende persoon  van het spirituele pad zouden wegvoeren.

Sikha    sikh

 Dit lemma wordt nog ingevuld

Sila

moreel gedrag, zuiverheid in   spreken en handelen.

Simhasana

Leeuwhouding ; meditatiehouding

Singh

 

“Leeuw”; spirituele toevoeging aan   de naam van een man die tot de de religieuze stroming van sikh’s behoort.

Sirsasana

Kopstand ; hoofdstand

Sita

echtgenote van Rama

Skanda

een naam voor Subrahmanya. Hij is de   God van de oorlog. Met zijn buitengewone krachten kan Hij alle demonen en   negatieve krachten overwinnen.

Skandha’s

 

verzameling, ophoping; De vijf   skanda’s die de mens vormen zijn: skandha’s

1.    vorm (rupa)

2.    gevoel (vedana)

3.    waarneming   (sanjna / sanna);

4.    geestelijke   vorming; indrukken (samskara / sankhara)

5.    bewustzijn   (vijnana / vinnana).

Slaap

 Dit lemma wordt nog ingevuld

Smaran(a), Smaranam

voortdurende beschouwing van Gods   namen, heerlijkheid en leringen.

So, Sa, Sah

Hij. Met dit woord wordt God bedoeld.

Soefisme

  Dit lemma wordt nog ingevuld

Soetra / sutra

leerrede, uiteenzetting (van de   Boeddha of van een van zijn vooraanstaande leerlingen. )

Sogenji

Zen klooster in Japan,   voornamelijk Rinzaï

Soham, Sohum 

ik ben God; (letterlijk) Hem ben ik.   Het is het natuurlijke geluid van de ademhaling.

soma  

- nectar, lunaire energie

Spar / sparrentak

(chr.) symbool voor eeuwig leven

Spiritualiteit

  Dit lemma wordt nog ingevuld

SRF

Self Realisation Fellowship; door   Paramhansa Yogananda opgerichte Kriya Yoga organisatie; gevestigd in Los   Angeles USA

Sri;   Shri

1. hoffelijke en   eer-gevende aanspreektitel in veel   oosterse landen.

2.   (Shri)   woord dat vóór een naam van een God wordt geplaatst en dat respect en eerbied   uitdrukt; rijkdom, overvloed; majesteit, schoonheid, glans; genade.

Srimad Bhagavatam

het belangrijkste   heilige verhalenboek van India, met onder meer de geboorte, jeugd,   belevenissen en werken van Sri Krsna.

Stoepa

boeddhistische architectuur:   koepelachtig gebouw; vaak gebruikt om teksten, relieken, of overblijfselen   van leraren in op te berge.

Subrahmanya(m)

 

de Heer die de geest en de   geestelijke groei van de toegewijde beschermt. Hij is de tweede zoon van   Shiva en Parvati. In spiritueel opzicht is Hij de verpersoonlijking van de   hoogst mogelijke staat, waartoe de evolutie kan leiden.

Suguna, Saguna

met (goede) eigenschappen (guna’s).

Sukkasana

Gemakkelijke zit ;   meditatiehouding

Sundara(m); Sundara

schoonheid; mooi.

Supta baddha konasana

Dalende Sprong Hoek

Supta Padangusthasana

Dalende Dikke Teen

Supta Parivartanasana

((Hatha-yoga) liggende twist;   krokodilhouding met opgetrokken knieën

Supta Virasana

Dalende Held

Sura

heilige, wijze.

Suradasa, Surdas

een blinde dichter, die Krishna zeer   was toegewijd. Hij was een tijdgenoot van Krishna.

Surarchita

een naam voor Shiva, die betekent: de   Heer die (op de juiste wijze) aanbeden moet worden; vereerd, (op de juiste   wijze) aanbeden.

Surarchitaya

voor Shiva, die (op de juiste wijze)   aanbeden moet worden. (naamval van Surarchita).

Surya

zon.

Surya namaskar

Zonnegroet

Sushumna

betekenis: groot geluk;

1. middelste energiebaan die   vanuit het stuitchakra opstijgt naar de kruinchakra;

2. - de belangrijkste nadi die   doorheen de wervelkolom loopt

Sussokan

manier van ademen aan het begin   van een meditatie: heel lang, heel diep uitademen en aan het eind (als je   denkt dat je “leeg bent”nog drie pufjes, daarna loslaten en de adem aan   zichzelf overlaten.

Suta

zoon; wagenmenner.

Suta-maya-panna

ontvangen wijsheid; zie ook: panna

Sutra; Sutta

leidraad, leer; leerboek,   verhandeling;   leerrede, uiteenzetting (van de Boeddha of van een van zijn vooraanstaande   leerlingen. )

Sva, Svar

het oorzakelijke, de hemel; Zelf,   ziel. (Zie ook: Tribhuvana, en: Triloka).

Svadisthana-chakra

miltcentrum; krachtcentrum   ter hoogte van de milt, magische klank: VAM; kleur: wit

zie: chakra)

Svaha

 offering in het vuur, (aan de goden) ontvang   alstubieft deze offering

(Zie: Sva).

Svanasana

Hond

Svarupa; Svarupini

iemands werkelijke vorm; gelijk aan,   essentie van; belichaming.

Svastikasana

Gunstige houding ;   meditatiehouding

Swami

Heer, geestelijk leermeester, iemand   die zijn geest en zintuigen volmaakt in bedwang heeft; (letterlijk) hij die   één is met zijn Zelf.

Swar   yoga

- yoga van adem

Taka

het geluid van Shiva’s trommel   (tijdens de tandava, de kosmische dans).

Tala

- rytme

Tamas

- inerte energie; trage, passieve,   onwetende gesteldheid. (Zie ook: Guna).

Tamaso

van duisternis, van onwetendheid.   (naamval van Tamas).

Tandava

de kosmische dans van Shiva. (Zie   ook: Nataraja).

Tanha

“Dorst” in de zin van zowel   verlangen als afkeer; de oorzaak van lijden (àDhamma-cakkappavattanaSutta;   de eerste prediking van de Boeddha.)

Tanmatra

- principe

Tanno, Tannash

jezelf kennen.

Tanpura

- indiaas snaarinstrument, als   begeleiding

Tantra

 het streven naar Zelfverwerkelijking via bepaalde   rituelen.

Het diamanten voertuig; de geheime leer van het  mahayanaboeddhisme; aangewend voor snelle vorderingen op het pad van   verlichting;

(magische) kennis over energie;  uitwisseling van energieën ter bevordering   van spirituele groei en ontwikkeling.

Tao

de weg. Dit is het hoogste principe   in het Taoïsme, een godsdienst die vooral in China voorkomt.

Tapas

ascese, soberheid, strenge   discipline, onthechting.

Tapasya

- ascetisme

Tara

vrouwelijke godheid die de energie   van alle boeddha’s vertegenwoordigt.

Tara houding

zithouding (één hak tegen het   zitbeen, een been gebogen met knie omhoog en voet plat op de grond; handen   voor je op de grond met vingertoppen naar je toe)

Taraka

reddend, over de levenszee voerend.

Tarana(m)

vlot, boot; de boot waarmee de mens   de levenszee oversteekt. Deze boot is het voortdurend gericht zijn op God.

Tat

dat. Hiermee wordt God aangeduid.   (Zie ook: Idam)

Tat Tvam Asi

 (letterlijk) Dat ben jij. Het betekent, dat   je in werkelijkheid goddelijk bent.

Tathagata

“zo gegaan / zo gekomen” De term   waarmee de Boeddha naar zichzelf verwees.

Tattva

- element

Tattvamasi

Dat zijt gij! ‘Tat’ is het   onkenbare oerbeginsel; zie: Brahman

Teisho

leerrede over de dharma,   uitgesproken tijdens Zen-trainingen.

Tejas

- innerlijke straling

Teleurstelling

 dit lemma wordt later ingevuld

Thangka

rolprent met daarop goden of   symbolen als het levenswiel; gebruikt bij meditaties en visualisaties.

Theragata

verzen van monniken

Theravada

“onderricht van de oudsten /   ouderlingen”; de leringen van de Boeddha, zoals ze bewaard zijn gebleven in   landen als Birma, Sri Lanka, Thailand, Laos en Cambodja. Algemeen aanvaard  als de oudste vorm van leringen. Momenteel in opmars in het Westen.

Therigatha

verzen van nonnen

Thich Nhat Hanh

bekende boeddhistische monnik uit   Vietnam, tegenwoordig in Frankrijk – zie Plum City

Tien fasen van boddhisattvaschap:

  

 

 

1.    vreugde; gelukzalig zijn (zie ook: ananda)

2.    vlekkeloos, onberispelijk zijn;

3.    verlichtend (zijn);

4.    stralend (zijn);

5.    moeilijk te   verkrijgen (zijn);

6.    in het zicht van (het) nirwana zijn;

7.    verreikend (zijn)

8.    onbeweeglijk; niet van het stuk te brengen (zijn);

9.    de juiste  gezindheid (hebben / tonen)

10. rechtschapen zijn; het albewustzijn delen

Tien fundamenten van het mahayana  boeddhisme

zie: tien fasen van het   boddhisattvaschap.

Tien woorden ten Leven

 dit lemma wordt later ingevuld

Tilak(a)

  

stip op het voorhoofd, aangebracht   met chandan of kumkum. De gelovige brengt deze stip aan om aan te geven, dat   het lichaam de tempel van God is. Het is het symbool van het derde oog, dat   verwijst naar het innerlijke oog van wijsheid.

Tilaka, Tilka

aanvoerder, bestuurder, bevelhebber,   hoofd.

 Tirath(a), Tirtha

heilige plaats, pelgrimsoord

Toevlucht nemen

de stap waarmee iemand bevestigt   het pad van dharma bewust te willen volgen.

Tolasana

Weegschaal (Hatha-yoga).

Transformatie

dit lemma wordt later ingevuld

Trataka

concentratie op het derde oog

Trataka kriya

dit lemma wordt later ingevuld

Tretayuga

Treta-tijdperk, het zilveren   tijdperk. Dit is het tweede tijdperk in de cyclus van vier. Rama leefde in   dit tijdperk.

Tribhuvana

de drie werelden. Deze drie werelden   zijn de grofstoffelijke (de aarde), de fijnstoffelijke (de ether) en de   wereld die boven de stof uitgaat (de hemel).

Trikonasana

Driehoek, (Hatha yoga   lichaamshouding)

Triloka

de drie werelden. Deze drie werelden   zijn de grofstoffelijke (de aarde), de fijnstoffelijke (de ether) en de   wereld die boven de stof uitgaat (de hemel).

Trimurti  drieëenheid.

Het gaat hier om de drie aspecten van   Brahman, namelijk Brahma (schepper), Vishnu (instandhouder) en Shiva  (vernietiger).

Tripitaka

drie korven” De drie verzamelingen   van leringen van de Boeddha:

1.    de verzamelde   geschriften over monastieke leefregels;

2.    de verzamelde   verhandelingen;

3.    de verzamelde   geschriften betreffende een systematische filosofische exegese (hoger   onderricht) van de Dharma.

(ook: tipitaka)

Trishna

Dorst; hevig verlangen of sterke   afkeer van …; de oorzaak van lijden (volgens de eerste prediking van de   Boeddha).

Trishna-vanto

zij die dorst hebben, zij die   verlangen.

Trishula

de drietand van Shiva. Deze is het   symbool van de heerschappij over de drie werelden. (Zie ook: Tribhuvana, en:  Triloka).

Tu

jij, (U).

Tvam 

jij

Tweede dood

dit lemma wordt later ingevuld

Twist

torsie;