Dharmapelgrim Yogi 

     De weg loopt door het hart

Het Olafspad naar Nidaros (Trondheim) 

Vierde deel van de reis: Dovre - Trondheim

Dombas - Fokstugu Fjellstue - Pluscamp Hageseter - Hjerkinn Fjellstue - Pilegrimssenter Dovrefjell - Kongsvold - Ryphosan - Driva - Oppdal - Stolen - Sundset - Voll - Meldal - Loken Verk - Skogheim Herberge - Svorkmo - Mellingseetra - Skaun - Kleivan Pilegrimsherberge - Buvika - Oysand - Nidaros.

Op 30 april 2016 ben ik uit Woudbloem vertrokken, op weg naar Trondheim. 

Kijk voor:

Dag 1 - 18 (ca. 120 foto's):  Woudbloem - Kiel

Dag 19 - 31 (ca. 100 foto's): Oslo - Lillehammer

Dag 32 - 42 (ca. 90 foto's):   Lillerhammer - Dovre

In Dovre is mij geadviseerd door te lopen naar Dombas, en om vandaar naar Fokstugu te gaan. Dus NIET direct vanuit Dovre over de berg. De sneeuw is blubber en de waterstromen zijn te sterk Het waait en de temperatuur is laag. Onderweg naar Dombas passeerde ik een zogenaamde Olavs-bron. Het water zou pelgrims kracht geven. Ik bivakeer voorbij Dombas,

Dag 43 - 11 juni

Fokstugu Fjellstue (Mobiel (+47)61.24.14.97 Kosten voor een nachtje : €40,- ongeveer. 400 kronen. Eten zelf klaarmaken in het keukentje van het gastenverblijf.

Na een nacht met weer eens ijs op de tent, loop ik van Dombas naar Fogstugu. Eigenlijk is dat een lange rechte weg die voortdurend licht stijgt. Omdat ik vroeg ben opgestaan en vertrokken, kom ik vroeg aan. Ik besluit  een nachtje hier te blijven. Dan heb ik morgen de hele dag om naar Hjerkinn te lopen. Ook belangrijk : de was! Modderwater komt er van af. Ik hang alles goed uitgewrongen aan een droogrek op het balkon van het gastenverblijf. Nu maar hopen dat morgen alles droog is. Omdat er ruimte genoeg is mag ik kiezen welk kamertje ik wil. Ik kies voor begane grond, klein en knus. Die middag maak ik ook nog kennis met een Nederlandse vrijwilligster. Zij is speciaal deze zomer naar hier gekomen om te helpen, na een eerder bezoek als pelgrima. Later op de dag maak ik kennis met een Belgisch echtpaar dat ook over de Olafsweg loopt. Het zullen ongetwijfeld aardige mensen zijn, maar ik hoor ze vooral overal op mopperen. "De wegen zijn niet goed begaanbaar; het weer is te warm; de aanwijzingen op de route zijn niet duidelijk genoeg ... en nog veel meer". Ze geven aan dat ze sommige delen van de route daarom per bus afleggen, of per trein. Morgen willen ze ook naar Hjerkinn, maar ze kiezen ervoor om dat deels over de E6 (verderop) te doen. Lekker vlak over het asfalt.

De Dagsluiting omvat onder meer psalm 91 en psalm 134. Deze zijn mij welbekend. De dienst lijkt sterk op de dagsluiting van de trappisten in Zundert.

Fokstugu Fjellstue wordt beheerd door Christiane en Laurits Fokstugu. Het is een echte pelgrimsherberg, hoewel "niet pelgrims" er ook welkom zijn. Zo is er ook een heel gezin uit Oslo, gewoon op doorreis. Waarom ik het een echte pelgrimsherberg vind? Omdat het de enige plaats is waar ik tot nu toe (en dat wordt later niet anders) een kapelletje bij hoort waar iedere dag om 20:00 uur een dagafsluiting wordt gehouden. Een mini-kerkdienstje, in de talen van de mensen die er op dat moment zijn. Ik lees op verzoek van Christiane een klein stukje voor in het Nederlands. Dat is geen bezwaar, want de orde van dienst is helder, en iedereen weet precies wat ik voorlees. Christiane en Laurits houden deze traditie in ere, omdat het voor hen ook echt bij pelgrimeren hoort: bezinning.

Dag 44 - 12 juni

Sneeuw! Glad, blubberig en verraderlijk., zeker wanneer je een sneeuw veldje moet oversteken. Dat is het risico van vroeg in het seizoen lopen.

Terwijl de vrijwilligster water schept uit de rivier, nemen Christiane en ik  hartelijk afscheid. Het beloofd de zoveelste mooie wandeldag worden vandaag. Het is heerlijk stil op de hoogte van het Dovrefjell, richting Hjerkinn. Het wordt mij al snel duidelijk dat "even de tent opzetten" geen optie is: de ondergrond is te soppig, te rotsig, te begroeid met kruipende gewassen en mossen en anders wel alles tegelijk. Ik besluit naar de camping te lopen, 5 km voor Hjerkinn. Onderweg daar naartoe is het af en toe sprietlopen, over in de lengte doorgezaagde boomstammen, omdat je anders in een moeras stapt. Onder de begroeiing en de modderige bovenlaag zit weliswaar harde permafrost, maar de schade die je aan de natuur toebrengt door naast de planken te stappen, blijft jaren! Natte schoenen, sokken en broekspijpen tellen dan niet eens mee.

5 km vóór Hjerkinn is een camping: Hageseter Pluscamp

Mijn tentje staat achter een hut op de camping voor Hjerkinn. De Belgische pelgrims verschijnen ook. Onderweg hadden ze mij al gebeld op mijn mobiele telefoon: of ik misschien een handdoek van hen had ingepakt? Een groene. Die hing ook aan een wasrek en nu zijn ze hem kwijt. Mijn antwoord: NEE. ( Waarom zou ik een handdoek van een ander meenemen? Allemaal extra gewicht. in de rugzak). In het restaurant van de camping praten we nog wat. Zij zijn inderdaad deels via de E6 gelopen. 

Morgen maar eens zien hoe verder. Tot Hjerkinn is er geen probleem. Naar het schijnt daarna mogelijk wel... Ik zal in informeer in Hjerkinn of het veilig is om door te lopen naar Kongsvold.

Dag 45 - 13 juni

Het resultaat is wel dat ik elanden zie, die voor mij het pad oversteken. Ze zijn zo groot als paarden.

Door missen van een paar merktekens duurt de tocht van de camping naar Hjerkinn geen anderhalf maar zes uur. Dat krijg je wanneer je loopt te mijmeren en niet meer op de merktekens let. Ik had ergens linksaf gemoeten op een smal paadje, maar ging rechtsaf op een iets breder pad. Dat blijkt (achteraf) een ruiterpad, maar dat verneem ik pas als ik in Hjerkinn Fjellstue aanklop. Die zijn gesloten, maar men wijst mij wel naar het Dovrefjelle Pilegrimscentrum in Hjerkinn, verderop bij het station.



Vandaag veel ondergelopen paden, , maar geen sneeuw meer.

In het Pilegrimscentrum krijg ik toestemming om over de bergen naar Kongsvoll te lopen. Het wordt op prijs gesteld wanneer ik telefonisch doorgeef hoe de toestand van de weg is. Zo zet ik mijn tocht voort, door eerst weer een stuk terug te lopen tot de moderne kerk van Hjerkinn, en dan omhoog. Morgen kom ik pas langs Kongsvoll, want ik na negen uur lopen vind ik het voor vandaag wel genoeg. Ik zet mijn bivak op langs het pad. Laat op de avond komt een Duits echtpaar mij tegemoet. Ze staan met hun camper beneden, en lopen voor de nacht nog een stukje. Een uur later passeren ze opnieuw. We praten wat en ze geven mij een blikje bier. Lekker hoor (maar dat moeten ze dus al die tijd bij zich hebben gehad...)

Dag 46 - 14 juni  

Morning has broken...  Het is 04.09 uur. Tijd om op te staan. De weg naar Ryphosan is pittig. Het is een hele klim, naar het hoogste punt van de pelgrimstocht. De hele dag zie ik niemand. Het is warm, en ik rust regelmatig uit. Een dreigende onweersbui trekt in de verte voorbij. Voor mij uit loopt een groepje schapen. Hoog boven mij vliegt een enorme vogel ... ik vermoed dat het een roofvogel is, wellicht een arend.

Ook in de berghut van Ryphosan ben en blijf ik alleen - ik verwacht eerlijk gezegd ook niet anders meer. Het echte pelgrimsseizoen is hier immers nog niet eens begonnen! Morgen pas... en ook dan staan er waarschijnlijk niet ineens drommen mensen voor de deur.

Er is gas, maar ik dat krijg ik niet aan. Jammer. Geen idee hoe dat werkt. Gelukkig zijn er wat voorraden, waaruit je tegen redelijke vergoeding eten kunt halen.  

Wat mij hoogst bevreemd is de tweepersoons plee. Dat de Romeinen vroeger schaamteloos naast elkaar op de pot gingen, was mij bekend, maar in mijn hele leven heb ik nog nooit zo'n gezellig toilet gezien.


Dag 47 - 15 juni

Ik vroeg een vrouw om mijn waterfles te vullen en hoe ver het was naar een winkel. Ze kwam terug met een fles alcoholvrij bier, water en vier boterhammen, twee met worst en twee met kaas. Nu zou ik de winkel wel halen, lachte ze.

Tot in Driva geen mens gezien, maar ook nu weer veel schapen. En dan ineens een groep bij een kapel. (St Michael kapel) Ze zijn druk bezig met voorbereidingen voor een dienst voor een schoolklas die met een bus onderweg is hiernaartoe. Als ik bereid ben een uurtje te wachten, kan ik meedoen. De bisschop komt ook en gaat zelfs voor. Maar een uur? Ik loop liever door. De man die achter een elektronisch orgel zit en met het geluid bezig is, wijst mij op de kerk in Oppdal. Daar kom ik volgens hem langs. Misschien zie we elkaar daar vanmiddag dan wel weer... Ik weet het niet. Oppdal is nog ver, dus het zal wel morgen worden.

Het is voornamelijk dalen, dalen en nog eens dalen. Langzaam maar zeker, met af en toe weer een lichte klim. Omdat er tussen Dombas en waar ik nu zit (langs de weg, bijna in Oppdal) nergens winkels zijn te vinden, ben ik door mijn voorraden heen. Zelfs door wat ik uit Ryphosan heb meegenomen. En ik zie ook nergens eetgelegenheden. Ik heb ondertussen stevige trek. Ik bel bij een huis aan om te vragen wáár ik de dichtstbijzijnde winkel kan vinden ... Er doet een engel open.

Tegen mijn eigen plan in, kom ik kort voor sluitingstijd van de kerk toch in Oppdal aan. Volgens een bordje bij de deur is de kerk vanaf 15 juni voor het publiek open. Vandaag dus! En waarachtig... daar zit de "orgelman". Hij bezorgt mij een stempel in mijn pelgrimspaspoort en speelt wat voor me, terwijl ik de gelegenheid te baat neem om even in de kerkbanken uit te puffen.

Een uur later vind ik een mooier plekje. Lekker rustig. Van mensen verderop krijg ik desgevraagd fris drinkwater ... met een fles "bubbelwater" toe.

Na de kerk loop ik Oppdal binnen. Daarvoor moet ik het pad verlaten. Eindelijk kan ik boodschappen doen ...waarvan ik direct weer een deel op eet.
Nauwelijks heb ik mijn bivak opgeslagen, of stopt er een auto verderop. Een boze meneer gebied mij onmiddellijk te vertrekken. Met het zogenaamde "allemansrecht" (dat je overal in Noorwegen mag bivakkeren, zolang je niemand stoort en niet zonder toestemming op particulier terrein staat) heeft hij niets te maken, vindt hij. Dit is ZIJN grasland ... en dat je dat nergens uit kunt afleiden, maakt hem niks uit. Al dat "wild gekampeer" is niet goed voor de boeren. Ik besluit hem zijn zin te geven en breek alles maar weer op.

Dag 48 - 16 juni

Huizen met gras op het dak.  Koeien die meelopen...en een veranderend uitzicht. Er zit onweer in de lucht en is heb mijn toevlucht gezocht in een herberg. Nu kan ik meteen vanavond mijn artikel voor het Boeddhistisch Dagblad afmaken. Dit keer gaat het over de Hoop. Www.boeddhistischdagblad.nl

Dag 49 - 17 juni

Van Oppdal naar Voll in twee dagen. Je loopt om Berkak heen en hebt dan keuze uit twee routes. De originele, moeilijke met spectaculaire "views" of een andere langs de rivier. Gelet op de lage bewolking, kies ik voor de rivier-route, want die spectaculaire uitzichten gaan volgens mij vandaag volledig de mist in. 

Langs de rivier tref ik een soort pipowagen aan voor vermoeide pelgrims om daarin droog en beschut te kunnen lunchen. Ik maak er dankbaar gebruik van. Iets verderop tref ik een autowrak aan ... ik denk even: "zou die de pipowagen ...? "Maar die gedachte wuif ik weg. Mensen die pelgrims een droog plekje aanbieden, laten geen autowrakken in de natuur achter (neem ik aan). 

Verderop kom ik diverse visstekken tegen, waarvan één compleet met incomplete eland. De rivier is belangrijk vanwege de zalm.

Vlak voor Voll bivakeer in het bos.

Dag 50 - 18 juni

Bij ontwaken zie ik iets verderop een dier dat ik aanvankelijk niet thuis kan brengen: dikke vacht, groter dan een forse kat, naar verhouding korte pote, géén staart ... Het kuiert rustig weg. Een Gaupe (Lynx)

Vannacht heerlijk geslapen, vroeg opgestaan en  opgewekt in de regen afgedaald  naar Voll, maar te vroeg voor een open kerk. Toen maar naar de winkel ook daar moest ik nog even wachten tot 09:00 uur.

In miezerig weer loop ik richting Meldal. Van hier naar Trondheim is het over de autowegen iets meer dan 70 kilometer. Via het pelgrimspad is het nog 110. Eerlijk gezegd vaar ik daar niet blind op. Volgens mij hebben de Noren kilometers in diverse maten. Ik herinner me ergens een aanwijzing te hebben gezien dat Trondheim nog 284 km lopen was. Na een lange dag waren dat er ineens 286..?? Omgekeerd: volgens een vriendelijke Noor zou ik nog 7 km moeten lopen voor een supermarkt...en daar was ik binnen een kwartier. En ik ren echt geen 28 km per uur met een rugzak heuvel op en af. Zonder rugzak trouwens ook niet.

Ik kwam 5 Noorse pelgrims tegen die om reden van een verjaardag (?) de andere kant op liepen. Een had een mooi gesneden pelgrimstaf bij zich. Die uit Zwitserland geïmporteerd te zijn. 

Bivak gemaakt bij de rivier, omdat ik gewoon geen zin meer heb in verder lopen. De weersverwachting voorspelt voor morgen opnieuw regen!  Ik ga proberen om voor 11:00 uur in Meldal te zijn, om de dienst bij te kunnen wonen. De laatste week van de reis is ingegaan. Nidaros...komt in zicht.

Dag 51 - 19 juni

Vroeg opgestaan om op tijd in Meldal te zijn, en kom vervolgens veel te vroeg aan voor de kerkdienst van 11:00 uur. Eerst maar geld bij de enige bank gepind. Daarna wacht ik ruim een uur om te ontdekken dat er vandaag helemaal geen kerkdienst is! Kan gebeuren...het zou alleen fijn zijn geweest als dat ergens vermeld stond.

Door dan maar, in de regen. Opeens komt er een vrouw achter mij aan...schort voor...deeg nog aan haar handen (ze is taart aan het bakken), om mij te waarschuwen dat ik verkeerd loop. Stukje terug en dan omhoog! Ik dank haar 1000 X voor haar spontane actie.
Voor ik ruim 4 km verderop een tijdelijk onderkomen vind (huisje met banken), passeer ik veel hekken. Bij een daarvan wachten mij ruim 20 koeien op. Ze lopen vervolgens in een lange rij achter mij aan tot het volgende hek.
Het blijft regenen.

Tenslotte tref ik een mooie herberg, waar ik dankbaar intrek, al is het  nog redelijk vroeg. Inmiddels giet het pijpenstelen. Morgen is er weer een dag. De weersverwachting is dan gunstiger. En vannacht kan alles weer mooi drogen.

Dag 52 - 20 juni

Schitterend weer vandaag! Terwijl ik voortstap, verandert het landschap geleidelijk. De bergen worden lager, glooiender. Sommige merktekens zijn moeilijk te zien en ik loop dan ook een paar maal verkeerd. Andere kun je onmogelijk over het hoofd zien. Ik ben blij met mijn gamaches, want op sommige plaatsen is het gras (en de rest) nog hoog en nat. Onderweg kom ik nergens winkels tegen en ook geen geschikte bivak plaats. Zo komt het dat ik uiteindelijk bijna 40 km loop...

En dan word ik ineens geroepen ... Schuin boven mij zit een groep vrouwen aan een lange tafel. Ze wenken mij. Ik kom dichterbij terwijl een van de dames mij tegemoet komt. Ik kan mijn oren niet geloven: ze nodigen mij uit aan tafel... En die is rijk gedekt. Wat is het geval? De vrouwen zijn van het Legers des Heils, en hebben vandaag een barbecue gehouden. Er is veel over. Ze zagen mij lopen en dachten aan de opdracht op "hongerigen te spijzigen", één van de werken van barmhartigheid. Zij vermoeden dat ik een pelgrim ben op weg naar Nidaros én ongetwijfeld wel trek zal hebben. En nu krijg ik meer dan ik op kan. Salade, vlees, brood en drinken. Ondertussen horen de dames mij uit. Wanneer ik verder wil (ik kan hier toch niet blijven) krijg ik een heleboel knuffels. Zo kan ie wel weer ...

8 km verderop bereik ik eindelijk Skaun. Omdat ik nu ECHT moe ben én omdat er voor de nacht en ochtend regen is voorspeld, trek ik in in de "herberg" van de locale kerk. Maar eerst kom ik in het kerkje zelf, en daar tref ik behalve de koster ook Willie aan, een Duitse pelgrim van 74. Samen hebben wij de hele zaal van de herberg voor ons alleen. Eigenlijk is het gewoon de zaal van het gemeentegebouw, een multifunctionele ruimte. Het geeft niet. Ik ben blij met de douchegelegenheid, de keuken en de omstandigheid dat er vlakbij een grote supermarkt is die tot 21:00 open is, en morgenochtend alweer om 07:00.

Dag 53 - 21 juni

Vanmorgen help ik eerst Willie op weg. Ik heb niet zo'n behoefte aan wandelen in de regen en ik verwacht dat het rond negen uur droog wordt. Vanuit de deuropening (nou ja ... iets ernaast) zie ik Willie langzaam in de verte verdwijnen. Hij doet me denken aan de  Quasimodo, de gebochelde van de Notre Dame. Dat komt natuurlijk doordat de poncjo die hij draagt ook over zijn rugzak heen gaat, waardoor het lijkt alsof hij voorovergebogen voortstrompeld. Schijn bedriegt. Willie gaat misschien niet snel, maar wel gestaag, en is vast ter been.  

Zelf vertrek ik inderdaad pas om half tien. In tegenstelling tot Willie heb ik géén gedetailleerde routekaart. Ik volg voornamelijk de bordjes en anders ga ik op goed geluk op plaatsnamen af... Dat pakt vandaag verkeerd uit. Ergens kan ik volgens de bordjes kiezen uit twee routes ... en kies prompt de verkeerde. Er volgt namelijk NIETS meer. Ik doe navraag, en moet terug. Terug bij het keuzebordje doe ik mijn best de verkeerde keuze door te halen... en vervolg mijn weg in de nu correcte richting. Ondertussen ben ik wel dik een uur verder.

Mooi, maar nat vandaag. Als het niet regent, druppten de bomen nog na of zwiepen er natte halmen en stengels tegen mij aan. De grond is weer eens lekker soppig. Zompe zompe zomp. Op een gegeven moment laat ik ook de poncho maar voor wat hij is...een hinderlijk ding. En alsmaar aan en uit trekken, hangt me de keel uit. Dan maar nat worden...  Midden in een bos daagt er ineens een vrouw op. Ik heb haar echt niet aan zien komen. Zij gaat dezelfde kant op, en wandelt een uurtje met mij mee. . Ze loopt anders altijd alleen, want haar man is  tegenwoordig met de computer getrouwd. Ze spreekt redelijk Engels, maar moet vaak eerst even nadenken wat ze wil zeggen. Bijvoorbeeld dat Nederlanders individueel allemaal best aardige mensen zijn, maar in groepen...NIET.  Dan zijn ze luidruchtig, onbeleefd en soms gewoon grof. Jammer vind ze dat, want nogmaals, één voor één zijn Nederlanders best aardig. In het pelgrimsseizoen treft ze regelmatig pelgrims aan. Dat is leuk. Zij kent de omgeving goed, en wijst mij verschillende interessante zaken aan. Ook wijst zij mij op "Kleivan". Daar zou ik vandaag moeten overnachten. Van harte aanbevolen. De eigenaren van "Kleivan" vroegen 350 kronen, maar toen zij ik 250 of anders bye bye... Dat was toen geregeld, 250 dus.  

Dag 54 - 22 juni

Vannacht vlak voor Buvika in een herberg geslapen. Voor de tent was alles te scheef, te nat, te ruig of alles tegelijk. Het laatste stukje van Kleivan naar  Buvika  over het aangegeven pelgrimspad, is vrij stijl en werkelijk spekglad, zeker als het regent of geregend heeft. Het kost mij - ondanks mijn twee stokken - grote moeite om niet uit te glijden. Toch zit ik één keer zomaar op maar mijn gat. Gelukkig valt de (modder)schade mee.

Dus: voor wie het nog nog niet door heeft - een paar goede leren wandelschoenen met goed profiel en waterdicht, zijn een zinvolle investering. Twee verstelbare wandelstokken of hicking poles zijn dat ook. Gamaches? Zeker meenemen. Verder: nooit lopen en rondkijken tegelijkertijd. Kijk waar je loopt en als je rond wilt kijken STOP dan even.

Voorbij Oysand sla ik rechtsaf. Willie moet gisteren rechtdoor zijn gelopen, om zich per bootje over te laten varen. Omdat ik ergens anders heb overnacht, moet ik omlopen over de brug. (Overvaren is gekoppeld aan overnachting in herberg aan overzijde van het water). Dat is een uur om. Geeft niet. Ik heb de tijd. Nog 20 km. Wanneer ik rustig doorloop en regelmatig pauzes neem, kom ik toch vanmiddag nog in Trondheim aan. Het is mooi weer. Maar wat zijn de laatste kilometers lang! Dat is natuurlijk zuiver psychologisch, want het bereiken van het doel is het einde van de reis.Maar het lukt. Het is al wat later op de avond wanneer ik op het plein voor de kathedraal sta.

In de herberg wordt ik welkom geheten door Willie, die een paar uur eerder is gearriveerd. Hanneke (uit Groningen) en Matea (uit Denemarken) begroeten mij eveneens enthousiast. Ik vind het allemaal heel lief, maar wil nog even Trondheim in, want ik heb trek en je kunt in deze herberg geen avondeten klaarmaken. Alleen ontbijten... Ik ga daarom op zoek naar iets eetbaars, en beland in Mac Donalds. Terug in het hostel kruip ik het mij toegewezen bed in. Hanneke, Matea en Willie slapen al. En nog meer mensen ... ik ben kennelijk de laatste.

Dag 55 - 23 juni

De dag begint rond 07:00 uur met een gezamenlijk ontbijt. Ondertussen wisselen we ervaringen en verhalen uit.

 

Het certificaat is "gratis" (= bij de prijs van het verblijf hier inbegrepen) maar de koker kost 30 kronen.

Vandaag ga ik na het ontbijt eerst naar het station om uit te zoeken wat de beste mogelijkheid is om terug te reizen. Willie loopt met mij mee. Hij zoekt een informatiekantoor. Terwijl we richting station lopen, vertelt Willie mij over zijn avonturen. Ik kan hem moeilijk verstaan. Hij slikt zijn woorden soms in, mompelt voor zich uit en springt naar mijn idee van de hak op de tak. Ik begrijp dat hij in Nepal is geweest.. en dat hij daar bij de koning aan tafel heeft gezeten. Het heeft iets met een Mustang te maken (?) en met de gevonden portemonnee van de lijfarts van de koning ... Interrumperen helpt niet. Willie praat aan een stuk door. 

De vriendelijke man achter de balie zoekt voor mij de beste en goedkoopste reismogelijkheden. Ik koop een kaartje (470 kr = zeg maar € 50,-) voor de nachttrein die vanavond om 23:20 naar Oslo vertrekt.  Aankomst 06:50 uur. Daar zal ik vervolgens weer een kaartje kopen naar Gotenburg en dáár weer een naar Kopenhagen enzovoorts. In Oslo een kaartje kopen naar Kopenhagen is goedkoper dan er hier een kopen.

Willie heeft geen zin om Trondheim verder te verkennen. Daarom splitsen onze wegen bij het station. Vanmiddag wil ik de kathedraal bezoeken. Mij benieuwen of dat laatste gaat lukken, want vanmiddag komen de koning en koningin hier omdat het 25 jaar geleden is dat ze werden gekroond. Het plein stond vanmorgen vroeg al vol camera's, hekken  gewapende bewakers. Ik ga eerst maar eens om 15:00 uur mijn certificaat halen. Mét koker, anders komt het papier verfrommeld thuis aan. Maar ik ben nog niet thuis...

Nadat de koning en koningin vertrokken zijn, mogen de toeristen de kathedraal weer in. De kathedraal valt mij tegen. Het is ongetwijfeld een fraai bouwwerk, maar het is een gekkenhuis. Gekakel vult de ruimte. In een zijbeuk staat een kring van ongeveer 10 mensen (waarvan twee mannen) hand in hand en met gesloten ogen zachtjes "OHHHM  OHHHMMMM" te zingen. Voorturend hoor je het klikken van fototoestellen, hoewel het verboden is te fotograferen. (Mijn mobiele telefoon klikt ook!). Ik spoed mij al gauw weer naar buiten. Ik houd van gewijde plaatsen, alleen om de sfeer al, maar hier is niets sfeervols meer aan.   

Rond 17:00 uur gaan Matea en ik Trondheim in, op zoek naar een restaurant. Het wordt Thais. We hebben even  geen behoefte aan een hamburg  en de  menukaart laat een gunstige prijs zien. Wat we krijgen is lekker, en voldoende. Ondertussen vertelt Matea mij haar verhaal: 11 jaar geleden verloor zij haar zoontje van 4  door een auto-ongeluk. Ze liep met het kind op het trottoir toen een auto door mechanische problemen op hen inreed. Kind dood, zelf liep zij flinke (hersen) schade op. Vader kan het verlies niet verwerken, wordt depressief en pleegte later zelfmoord (zo begrijp ik het). Zelf krabbelt ze jaar na jaar uit de ellende wat omhoog, begint een heel nieuw leven en gaat wiskunde studeren. Zij heeft deze pelgrimstocht gelopen om zichzelf te hervinden in contact met andere mensen, maar niet teveel... Dus zo één voor één is het  prima. Ze heeft thuis in Denemarken een  nieuwe vriend die haar aanmoedigt (en ondertussen thuis haar enige plant in leven probeert te houden...Een lidcactus.) Omdat je maar twee nachten in het hostel mag blijven, gaat ze vanavond naar de nonnen, 10 km verderop. Haar moeder komt maandag om samen nog een paar dagen in Noorwegen door te brengen. Ik moet zeggen...prachtig dat ze deze tocht alleen heeft kunnen maken. Petje af.

Het is bijna 19:30 als we terugkeren in het hostel. Matea neemt kort daarna afscheid. Ze gaat nu naar de nonnen. Samen met Hanneke en Willie blijf ik in een hoeke van de hal zitten, bij de koffie en thee. Mijn rugzak heb ik al klaar staan. Willie begint zijn verhaal over Nepal opnieuw te vertellen aan Hanneke. Omdat ik inmiddels het einde ken, kan ik hem nu beter volgen. Mustang is géén paard, en géén automerk, maar een plaatsnaam!

Hanneke bekent vervolgens dat zij tussen Lillehammer en Trondheim voortdurend achter mij gelopen heeft. (Zij vond mijn naam steeds terug in logboeken en dergelijke). Dat leidde ertoe dat zij in Dovre wél de berg is opgegaan... want zij dacht: "als Menno het kan, kan ik het ook". Wist zij veel dat ik naar Dombas was gelopen? Nee dus. Ze liep tegen een muur van sneeuw op. Uiteindelijk is ze roetsend en glibberend over de berg gekomen. Gevaarlijk? Ja. toch wel. Maar gelukkig goed afgelopen. 

Als het 22:00 uur is, vertrek ik naar het station. De trein wil ik absoluut niet missen.   

Dag 56 - 24 juni Thuisreis.

De nachttrein vertrekt stipt op tijd. Ik heb een plaats bij het raam. Omdat het eigenlijk nauwelijks donker wordt, kan ik goed zien waar ik gelopen heb... Keek ik bij Hjekinn naar de trinen ... nu kijk ik vanuit de trein naar Hjerkinn. En naar andere plaatsen. In een flits herken ik zelfs de plek waar ik over het hek en de spoorbaan geklommen ben.

In Oslo heb ik uren de tijd voor ik verder reis naar Gotenburg. Ik zwerf wat door de stad, en verbaas mij over de vele zigeuners die je overal op straat ziet.  In Gotenburg overigens hetzelfde beeld. Daar heb ik minder tijd voor ik afreis naar Kopenhagen. Oslo - Göteborg - Malmo -  Kopenhagen = 8 uur. In Kopenhagen is het haastig zoeken naar de plaats waar de bus staat naar Hamburg... Ik betaal de chauffeur zwart en ben daardoor goedkoop uit. In Hamburg stap ik op 's morgens vroeg op de trein naar Bremen, van Bremen gaat het dan naar Leer, en vandaar met de bus naar Nieuwschans. Dan het laatste stukje weer per trein tot Hoogezand-Sappemeer. Mijn zoon, dochter en schoonzoon staan me daar al op te wachten. Een half uurtje later ben ik weer thuis.



Ik stel het zeer op prijs wanneer je iets in het gastenboek schrijft

voor je deze website verlaat. 

Het plan is om naar aanleiding van deze pelgrimstocht een boek te schrijven.  Het wordt géén verslag zoals op deze pagina's. Het idee is om dieper in te gaan op gesprekken met mensen, om opgekomen gedachten uit te werken en ervaringen een plaats te geven. Voor mij is inmiddels duidelijk dat een pelgrimstocht - ik denk IEDERE pelgrimstocht - een metafoor is voor het hele leven.

Het schrijven van het boek gaat even duren.

Geduld.